
![]()
Borstkanker
- Wat is borstkanker?
- Wat is de oorzaak van borstkanker?
- Welke symptomen kan borstkanker veroorzaken?
- Hoe verloopt de ziekte?
- Hoe wordt borstkanker behandeld?
- Meer informatie
Wat is borstkanker?
Kanker is een woekering van kwaadaardige cellen (kankercellen) die zich hebben ontwikkeld vanuit normale lichaamscellen. Bij borstkanker ontstaat deze celwoekering in de borst.
Wat is de oorzaak van borstkanker?
Bij borstkanker is er sprake van een ongeremde groei van borstcellen. Cellen zijn de bouwstenen van ons lichaam. Er worden voortdurend nieuwe cellen aangemaakt. Dat kan gebeuren doordat cellen delen: uit één cel ontstaan twee kopieën. Deze nieuwe aanmaak van cellen is bijvoorbeeld belangrijk om te groeien of om beschadigde en oude cellen te vervangen.
Omdat cellen voortdurend delen kan dit soms ook fout gaan. Vaak kan het lichaam deze fouten herstellen, maar niet altijd. Door deze fout, of door een opeenstapeling van meerdere fouten, kan een gezonde cel een kankercel worden. Een kankercel groeit en deelt sneller en minder gecontroleerd dan een gezonde cel. Er ontstaat daardoor een opeenhoping van kankercellen ofwel een tumor.
Soms is borstkanker erfelijk. In dat geval hebben mensen een afwijkend gen (stukje DNA) in al hun cellen. Dit afwijkende gen krijg je bij de geboorte mee en door dit gen is het risico groter dat er tijdens je leven (vaak al op relatief jonge leeftijd) een kankercel ontstaat.
Welke symptomen kan borstkanker veroorzaken?
Bij borstkanker is er vaak sprake van een knobbeltje in de borst of onder de arm. Maar er zijn ook andere symptomen die kunnen duiden op borstkanker zoals een teruggetrokken tepel, afscheiding uit de tepel, een afwijkende vorm van de borst, een opgezwollen, rode en pijnlijke borst of opgezette klieren (onder de oksel, in de hals, onder of boven het sleutelbeen of in het operatiegebied)
Vooral de uitzaaiingen van borstkanker (zie “hoe verloopt de ziekte”) kunnen klachten geven. Voorbeelden van deze klachten zijn, benauwdheid, hoesten, afvallen of een verminderde eetlust, zware vermoeidheid, botpijn, zenuwpijn of tintelingen/gevoelloosheid, verminderd gezichtsvermogen, heftige hoofdpijn en een beroerte. Niet al deze klachten hoeven veroorzaakt te worden door de uitzaaiingen. Het is altijd belangrijk om bij het ondervinden van klachten contact op te nemen met een arts.
Hoe verloopt de ziekte?
Borstkanker is de meest voorkomende kankersoort bij vrouwen. Jaarlijks wordt er in Nederland bij ongeveer twaalf- tot dertienduizend vrouwen borstkanker vastgesteld en overlijden zo´n drie- tot drieëneenhalfduizend vrouwen aan de gevolgen van borstkanker. Het risico op borstkanker neemt toe met de leeftijd. Borstkanker komt zelden voor bij vrouwen onder de 30 jaar. Borstkanker wordt het meest vastgesteld bij vrouwen in de leeftijd tussen 45 en 75 jaar. Ook bij mannen kan borstkanker optreden, maar in veel mindere mate dan bij vrouwen.
Als de tumor niet behandeld wordt, kunnen de kankercellen zich blijven delen en zal de tumor steeds verder doorgroeien in het omringende gezonde borstweefsel. Wanneer de tumor bij een afvoerkanaal komt voor weefselvocht (lymfe), kunnen kankercellen zich via het weefselvocht verspreiden. Vervolgens kunnen deze cellen op ander plaatsen in het lichaam uitgroeien tot nieuwe tumoren. Ook kunnen cellen in de bloedbaan terecht komen en zich op deze manier verspreiden. Het proces van verspreiding wordt uitzaaiing of metastasering genoemd. De nieuwe tumoren heten uitzaaiingen of metastasen. Bij borstkanker zullen de eerste uitzaaiingen zich vormen in lymfeklieren, waar het weefselvocht uit de borst verzameld wordt. Afhankelijk van de plek in de borst waar de tumor zit, kunnen deze lymfeklieren zich in de oksel, tussen de borstspieren of achter het borstbeen bevinden. Uitzaaiingen kunnen ook in andere organen terecht komen. Bij borstkanker worden deze het meest gezien in de botten, de lever, de longen en de hersenen. De kans op overleving is groter wanneer de tumor klein is en zich nog niet heeft uitgezaaid.
Hoe wordt borstkanker behandeld?
Borstkanker wordt op verschillende manieren behandeld. Bij kleine tumoren kan met de behandeling geprobeerd worden om genezing te bereiken, dit heet een curatieve behandeling. Genezing is niet meer mogelijk wanneer de tumor te groot is om te verwijderen of wanneer de tumor is uitgezaaid. De behandeling is in dat geval gericht op remming van de tumorgroei en bestrijding van symptomen. Dit wordt een palliatieve behandeling genoemd. Omdat bij iedere patiënt de ernst en de uitgebreidheid van de ziekte anders is, zal de uiteindelijke behandeling bij iedere patiënt anders zijn. Chirurgie, bestraling en medicijnen kunnen onderdeel uitmaken van deze totale borstkanker behandeling.
Chirurgie
Chirurgie maakt vaak onderdeel uit van de behandeling. Daarbij kan er een borstsparende operatie worden uitgevoerd of de gehele borst kan geamputeerd worden. Bij een borstsparende operatie wordt alleen de tumor en het omliggende weefsel verwijderd. Factoren die bepalen of een borstsparende operatie haalbaar is zijn bijvoorbeeld de grootte en exacte locatie van de tumor, verspreiding van de tumor en leeftijd. Naast het verwijderen van de tumor worden soms ook de lymfeklieren verwijderd. Of dit nodig is wordt meestal bepaald met de zogenaamde schildwachtklierprocedure.
Het doel van chirurgie is veelal genezing. Het succes van een operatie kan pas na lange tijd beoordeeld worden. Helaas komt in sommige gevallen de tumor terug of ontwikkelen zich toch uitzaaiingen op andere plaatsen in het lichaam door achtergebleven kankercellen. Om het risico daarop te verkleinen wordt chirurgie vaak gecombineerd met bestraling en/of met medicijnen.
Radiotherapie (bestraling)
Na een borstsparende operatie wordt de borst in principe altijd nabestraald. Bij een borstamputatie wordt dit soms gedaan en het hangt bijvoorbeeld af van de uitgebreidheid van de tumor. Wanneer radiotherapie gecombineerd wordt met chirurgie heeft dit tot doel om de kans op terugkeer van de ziekte in de borst te verkleinen.
Radiotherapie wordt echter ook ingezet als palliatieve behandeling bij uitzaaiingen van borstkanker. Het doel van de behandeling is dan om (pijn-)klachten te verminderen.
Medicijnen
Medicijnen worden voor verschillende doeleinden ingezet. Net als bij radiotherapie is het doel soms om het risico op ziekteterugkeer te verkleinen. De medicijnen worden dan meestal na de operatie gegeven. Ook kunnen medicijnen gegeven worden wanneer er al uitzaaiingen zijn. Op dat moment is het doel van de behandeling het bestrijden van symptomen en het verlengen van de levensverwachting. Welke medicijnen gebruikt worden hangt van veel factoren af. De 3 groepen medicijnen die te onderscheiden zijn, zijn chemotherapie, hormonale therapie en doelgerichte therapie.
Chemotherapie
Cellen die delen en groeien zullen door chemotherapie daarin geremd worden. Naast kankercellen, zullen dus ook veel gezonde cellen niet goed kunnen delen en groeien.
Chemotherapie (“chemo”) wordt vaak gebruikt na een operatie om het risico op ziekteterugkeer te verkleinen. De prognose van de patiënt en de leeftijd zijn belangrijk in de afweging of chemotherapie nodig is. Bij jongere patiënten en een hoger risico op ziekteterugkeer zal eerder gekozen worden om chemotherapie te geven.
Ook wanneer er al uitzaaiingen zijn wordt soms chemotherapie gegeven. Vaak heeft hormonale behandeling de voorkeur, omdat dit veel beter wordt verdragen door de patiënt dan chemotherapie. Hormonale behandeling is echter niet voor alle soorten borstkanker geschikt. Daarnaast kan chemotherapie bijvoorbeeld gebruikt worden wanneer de hormonale therapie “uitgewerkt” is en de tumor er niet meer op reageert. Een aantal voorbeelden van medicijnen die tot de chemotherapie groep behoren en regelmatig bij borstkanker worden gebruikt zijn: capecitabine (Xeloda®), cyclofosfamide (Endoxan®), docetaxel Taxotere®), doxorubicine, epirubicine, fluorouracil en paclitaxel.
Hormonale therapie
Hormonale therapie kan gegeven worden als een tumor gevoelig is voor de hormonen oestrogeen of progesteron. De tumor bevat zogenaamde “receptoren” voor deze hormonen. Tumoren die gevoelig zijn voor oestrogeen of progesteron groeien sneller wanneer de receptoren in de tumoren in contact komen met deze hormonen. De medicijnen die tot de groep van hormonale behandeling behoren, gaan op verschillende manieren het effect van de hormonen tegen en remmen daardoor de groei van de tumor. Voorbeelden van medicijnen die de werking van hormonen tegen gaan zijn anastrozol (Arimidex®), exemestaan (Aromasin®), fulvestrant (Faslodex®, gosereline (Zoladex®), letrozol (Femara®), medroxyprogesteron (Provera®), megestrol en tamoxifen (Nolvadex®).
Doelgerichte therapie
Naast de gevoeligheid voor hormonen zijn er ook een aantal andere specifieke “receptoren” in sommige borsttumoren aanwezig. Deze receptoren zijn ontvangers van signalen die de groei van de borstkankercellen stimuleren. Voorbeelden van dit soort receptoren zijn de VEGF-receptor en de HER2-neu receptor. Vooral bij kankercellen blijken deze receptoren belangrijk te zijn voor groei. Bij gezonde cellen hebben zij een minder belangrijke rol. Medicijnen die groeisignalen via deze specifieke receptoren remmen werken dus specifiek op een kankercel en in mindere mate op een gezonde cel. Daarom worden deze medicijnen doelgericht genoemd. Zij kunnen alleen ingezet worden als getest is dat de kenmerkende receptoren ook echt aanwezig zijn.
Doelgerichte therapie wordt vaak gegeven in combinatie met chemotherapie of hormoontherapie. Medicijnen die tot deze groep behoren zijn bevacizumab (Avastin®), lapatinib (Tyverb®) en trastuzumab (Herceptin®).
Meer informatie
Heeft u vragen over de tekst op deze pagina, stuur dan een email naar mid-oncology.nlar@novartis.com.
Voor meer informatie over borstkanker kunt u terecht bij de volgende organisaties:
Borstkanker Vereniging Nederland
Postbus 8065
3503 RB Utrecht
Tel: 030-2917222 (ma-vr, 9.00-16.00 uur)
Ervaringenlijn: 030-2917220 (ma, wo en vr, 10.00 - 13.00 uur)
email: info@borstkankervereniging.nl
internet: www.borstkanker.nl & www.borstkankervereniging.nl
Nederlandse Federatie van Kankerpatiëntenverenigingen (NFK)
Postbus 8152
3503 RD Utrecht
Tel: 030-2916090
email: secretariaat@nfk.nl
internet: www.kankerpatient.nl & www.nfk.nl
KWF Kankerbestrijding
Postbus 75508
1070 AM Amsterdam
KWF Kanker Infolijn: 0800-022 66 22 (ma-vr: 9.00-12.30 en 13.30-17.00)
email: info@kwfkankerbestrijding.nl
internet: www.kankerbestrijding.nl & www.kwf.nl

